WhatsApp Icon
Stuur een berichtje!
  • De specialist in analyse, advies en asbestverwijdering.
image not found

Asbestinventaris of asbestattest? Het verschil dat u geld en zorgen kan besparen

"Ik heb toch al een asbestattest, dus mijn huis is veilig?" Die aanname horen we vaak, en ze klopt niet altijd. Een asbestattest en een asbestinventaris zijn geen synoniemen. Ze dienen een ander doel, gebeuren op een andere manier, en het ene document beschermt u tegen heel andere risico's dan het andere.

In dit artikel zetten we het verschil helder op een rijtje: wat is een asbestinventaris, wat is een asbestattest, wanneer hebt u welk document nodig, en waarom kan het verwarren van de twee u tijdens een verbouwing lelijk verrassen. Onze expert Toon legt het bovendien uit in de video hieronder.

 

Wat is een asbestattest?

Een asbestattest is het document dat u nodig hebt bij de verkoop van een woning of gebouw gebouwd vóór 2001. Sinds 23 november 2022 is dit attest verplicht in Vlaanderen bij elke verkoop van zo'n pand. Een gecertificeerd asbestdeskundige maakt het attest op en registreert het bij OVAM (de Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij).

Het belangrijkste kenmerk van een asbestattest: het onderzoek gebeurt niet-destructief. De deskundige loopt het pand systematisch af en inspecteert wat zichtbaar en visueel toegankelijk is. Denk aan asbestleien op het dak, golfplaten, gevelpanelen, zichtbare leidingisolatie of asbestcement in kelders en technische ruimtes.

Wat de deskundige niet doet: muren openbreken, vloeren opentrekken of tegels lostikken om te kijken wat eronder zit. Dat is ook logisch. Bij een verkoop is het pand nog bewoond of in gebruik, en niemand verwacht dat een deskundige uw badkamer afbreekt om een attest af te leveren.

Een asbestattest geeft dus een goede inschatting van wat zichtbaar aanwezig is, maar het is geen garantie dat er nergens verborgen asbest zit.

Wat is een asbestinventaris?

Een asbestinventaris gaat een stap verder en komt in twee vormen: niet-destructief en destructief.

De niet-destructieve asbestinventaris lijkt sterk op het asbestattest: een visuele inspectie van wat zichtbaar aanwezig is. Deze vorm is onder meer verplicht voor werkgevers die een gebouw laten onderhouden of exploiteren, zodat aannemers weten waar ze mee te maken hebben voordat ze aan het werk gaan.

De destructieve asbestinventaris is waar het interessant wordt, en waar veel mensen het verschil met een asbestattest niet kennen. Bij een destructieve inventaris worden gericht die delen van een gebouw geopend die u toch al gaat verbouwen of slopen. Een stuk vloer wordt opengebroken, behang wordt losgetrokken, een tegelvloer wordt deels verwijderd, net op de plekken waar de werken sowieso zullen gebeuren.

De reden daarvoor is eenvoudig, maar cruciaal: asbest werd tussen de jaren 80 en 90 vaak weggewerkt tijdens renovaties. Een asbestvloer kreeg een laag parket erbovenop. Achter behang zat soms een asbesthoudende plaat. Onder een nieuwe tegelvloer bleef een oude asbestlaag gewoon liggen. Van buitenaf ziet u daar niets van. Pas wanneer u die laag opnieuw opentrekt, komt het aan het licht.

Een destructieve inventaris spoort dat vooraf op, gericht op de plekken waar u toch gaat verbouwen. Zo weet u vóór de werken beginnen wat er onder die vloer, dat behang of die tegels zit, in plaats van het te ontdekken terwijl uw aannemer al aan het slopen is.

Het kernverschil in één zin

Een asbestattest (of een niet-destructieve inventaris) toont wat u ziet. Een destructieve asbestinventaris toont ook wat verstopt zit, op voorwaarde dat u gericht op zoek gaat op de plaatsen waar u gaat verbouwen.

Het eerste is een momentopname voor een verkoop. Het tweede is een voorbereiding op sloop- of verbouwingswerken.

Waarom dit verschil er echt toe doet

Stel: u koopt een woning uit 1985. Bij de verkoop kreeg u een geldig asbestattest, en daarop stond alleen het asbestdak vermeld. U start de renovatie, trekt het oude parket in de woonkamer los, en eronder ligt een asbesthoudende vloerbedekking waar niemand van wist.

Dat is geen fout van het asbestattest. Het deed precies waarvoor het bedoeld is: tonen wat zichtbaar was op het moment van de verkoop. Maar het beschermt u niet tegen wat onder die vloer zat.

Had u vóór de start van de renovatie een destructieve asbestinventaris laten opmaken op net die zones die u ging verbouwen, dan had u dat geweten. U had de sanering kunnen inplannen, budgetteren en laten uitvoeren door een erkende specialist, in plaats van halverwege de werken de sloop stil te leggen omdat er plots asbestvezels vrijkomen.

Dat laatste scenario is precies wat we bij A.A.R.S. willen vermijden. Voorkomen is altijd beter dan genezen, en dat geldt hier heel letterlijk: een onverwachte asbestvondst tijdens actieve sloopwerken betekent stilstand, extra kosten voor decontaminatie, en soms gezondheidsrisico's voor iedereen die op de werf aanwezig was voordat het probleem ontdekt werd.

Wanneer hebt u welk document nodig?

U verkoopt een woning of gebouw van vóór 2001. Dan hebt u een asbestattest nodig. Dat is wettelijk verplicht en wordt opgemaakt door een gecertificeerd deskundige.

U gaat verbouwen of gedeeltelijk slopen. Dan is een destructieve asbestinventaris de betere keuze, specifiek gericht op de zones waar de werken plaatsvinden. Zo vermijdt u verrassingen tijdens de uitvoering.

U bent werkgever of eigenaar van een bedrijfsgebouw. Dan geldt vaak een verplichting tot een niet-destructieve inventaris, zodat werknemers en aannemers weten waar ze rekening mee moeten houden.

U hebt al een asbestattest en gaat nu verbouwen. Ga er niet zomaar van uit dat u veilig zit. Als de werken zones raken die bij de opmaak van het attest niet visueel toegankelijk waren, zoals onder vloerbedekking of achter wandbekleding, is een bijkomende destructieve inventaris voor die specifieke zones de aangewezen weg.

Wat A.A.R.S. voor u doet

Wij begeleiden zowel particulieren als professionals doorheen dit hele traject. Twijfelt u welk document u nodig hebt voor uw situatie, of vermoedt u asbest ergens in uw woning? Neem contact op, wij denken graag met u mee over de juiste aanpak, en als er effectief asbest wordt aangetroffen, nemen wij de volledige verwijdering en de administratie uit handen.

Belangrijke zaken in het leven laat u over aan een expert. Zeker asbest.

Veelgestelde vragen

Is een asbestattest hetzelfde als een asbestinventaris? Nee. Een asbestattest is verplicht bij verkoop en gebeurt niet-destructief, op basis van een visuele inspectie. Een asbestinventaris kan ook destructief gebeuren, waarbij gericht delen van het gebouw geopend worden om verborgen asbest op te sporen.

Heb ik een asbestattest nodig om te verbouwen? Niet noodzakelijk, tenzij u ook verkoopt. Voor verbouwingen is een destructieve asbestinventaris relevanter, omdat die specifiek zoekt naar asbest in de zones die u gaat openbreken.

Mijn asbestattest vermeldt geen asbest, kan er toch nog asbest in mijn huis zitten? Ja, dat kan. Het asbestattest onderzoekt enkel wat zichtbaar en toegankelijk is op het moment van inspectie. Verborgen asbest onder vloeren, achter behang of onder tegels komt daarin niet aan het licht.

Wie mag een asbestinventaris of asbestattest opmaken? Beide moeten opgemaakt worden door een gecertificeerd asbestdeskundige. Voor het asbestattest is registratie bij OVAM verplicht.

Wat als tijdens de verbouwing onverwacht asbest wordt aangetroffen? De werken moeten dan stilgelegd worden op die plek. Neem contact op met een erkende asbestverwijderaar zoals A.A.R.S. om de situatie te beoordelen en veilig te saneren voordat de werken verdergaan.

Twijfelt u welk document u nodig hebt, of vermoedt u asbest tijdens een verbouwing? Bezorg ons de details via asbestverwijderen@aars.be of bel +32 471 78 04 03. Wij denken graag met u mee.

Volg ons op sociale media!